Je hoort het steeds weer: "lockpicken is 99% spanning!" Dat is misschien een tikje overdreven, maar het blijft een feit dat je zonder goede beheersing van je spanner waarschijnlijk geen enkel slot open krijgt. De spanner gaat als eerste het slot in en daarmee zet je een heel lichte druk op de kern. Daardoor ontstaat er een piepklein randje langs wat wij in het vak 'de scheidingslijn' noemen. Of je nu pickt, harkt of bumpt, de pinnen hebben zo een plek om op te 'blijven zitten' terwijl je de andere pinnen bewerkt. Krijg je alle 5 pinnen op de scheidingslijn, dan gaat het slot open. Spanning is ENORM belangrijk, en je spanners dus ook.
Of je nu klaviersloten, pincilinders, lamellensloten (wafer) of andere sloten pickt: tenzij je een speciaal gereedschap hebt, heb je vrijwel altijd een spanner nodig. We hebben een uitstekend assortiment in allerlei uitvoeringen, en mijn advies is om er meerdere bij de hand te hebben. Variatie is de sleutel tot lockpicken, en met zo'n woordgrap weet je dat ik gelijk heb!
Spanners worden ook wel spansleutels genoemd, en in het Engels hoor je tension wrench of torque wrench. Wil je weten hoe je een spanner of spansleutel gebruikt, dan ben je hier op de juiste plek om te beginnen.
Zo kun je harken, picken, jigglen of een pickpistool gebruiken, met welk gereedschap dan ook, en blijven de pinnen die boven de scheidingslijn uitkomen daar netjes hangen.